|
| Wetgeving | |||||
| Wet Ruimtelijke Ordening | |||||
Wet ruimtelijke ordening (Wro)In de jaren tachtig is het besef ontstaan dat de chemische bodemkwaliteit betrokken zou moeten worden bij ruimtelijke ordeningsplannen. Dit is verankerd in artikel 9 van het Besluit op de Ruimtelijke Ordening (1985). Op grond van dit Besluit dient een bodemonderzoek te worden verricht met het oog op de beoordeling van de realiseerbaarheid van een bepaalde bestemming(swijziging). Voor bouwactiviteiten die niet passen in het vigerende bestemmingsplan dient door de provincie te worden beoordeeld of de voorgenomen bouwactiviteiten op basis van het ruimtelijke ordeningsbeleid acceptabel zijn. Daarbij dient te worden nagegaan of de bestemming gelet op de bodemkwaliteit realiseerbaar is. Aanvragen voor de vrijstelling van het vigerende bestemmingsplan op grond van artikel 19 Wro, dienen derhalve voorzien te zijn van een bodemgeschiktheidsbeoordeling door de gemeente. Aanvragen voor vrijstelling op grond van artikel 17 Wro zijn vrijgesteld van de onderzoeksplicht. Voor meer informatie over deze wet, bestemmingsplannen en aanverwante onderwerpen, ga naar www.bestemmingsplan.nl. Of wilt u snel weten hoe de procedures er uitzien, klik dan hier om onze factsheet te downloaden |